De EU onderneemt stappen om het onlineaanbod van tv- en radioprogramma’s op haar hele grondgebied vlotter beschikbaar te maken. De Raad en het Europees Parlement hebben vandaag een voorlopig akkoord bereikt over de toekomstige richtlijn.

De richtlijn zal gebruikers in elke EU-lidstaat een breder onlineaanbod van tv- en radioprogramma’s uit andere EU-landen bieden. Het verlenen van licenties voor auteursrechtelijk beschermd materiaal zal daartoe worden gefaciliteerd.

Vergemakkelijking van de vereffening van rechten voor ondersteunende onlinediensten voor omroepdiensten

Gebruikers verwachten steeds vaker toegang te krijgen tot radio- en tv-programma’s op een plaats en een tijdstip van hun keuze. Omroeporganisaties bieden daarom naast hun traditioneel uitgezonden programma’s steeds vaker ondersteunende onlinediensten aan. Dergelijke diensten zijn parallelle uitzendingen via het internet (“simulcasting”), of bieden de mogelijkheid om na het tijdstip van de oorspronkelijke uitzending naar een programma te kijken of te luisteren (“catchupdiensten”).

Om deze diensten over de grenzen heen ter beschikking te stellen, moeten omroeporganisaties de rechten op werken en ander beschermd materiaal in hun uitzendingen voor alle betrokken gebieden vereffenen. De richtlijn zal de vereffening van die rechten vergemakkelijken doordat omroeporganisaties op grond daarvan alle relevante rechten in de lidstaat van hun hoofdvestiging zullen kunnen vereffenen.

De richtlijn heeft betrekking op alle radioprogramma’s, nieuws- en actualiteitenprogramma’s op tv en tv-programma’s die volledig gefinancierde eigen producties van de omroeporganisatie zijn. Bestaande contracten worden gedurende een periode van 4 jaar na de inwerkingtreding van de richtlijn gehandhaafd. De Commissie bekijkt 6 jaar na de inwerkingtreding van de richtlijn of het toepassingsgebied moet worden uitgebreid naar nog andere soorten tv-programma’s.

Vereffening van grensoverschrijdende doorgifterechten

De richtlijn vergemakkelijkt bovendien de vereffening van rechten wanneer een radio- of tv-programma wordt uitgezonden in een lidstaat en er gelijktijdig wordt gezorgd voor ongewijzigde en integrale doorgifte in een andere lidstaat.

De richtlijn heeft betrekking op doorgifte via kabel, satelliet, digitale ether, IP-netwerken in gesloten circuit of mobiele netwerken. De richtlijn heeft tevens betrekking op doorgifte via het open internet, mits dit gebeurt in een beheerde omgeving, d.w.z. dat er sprake is van enige vorm van digitale identificatie.

Wat betreft de types van doorgifte die onder de richtlijn vallen, moeten de rechten op werken en ander materiaal worden vereffend via een collectieve beheersorganisatie. De collectieve beheersorganisatie in kwestie kan ook rechten vereffenen van rechthebbenden die hun rechten niet aan haar hebben overgedragen.

Directe injectie

De verordening verduidelijkt de wettelijke status van de zogenaamde “directe injectie”-techniek, d.w.z. het geval waarin een omroeporganisatie haar programmadragende signalen op zodanige wijze aan distributeurs van deze signalen doorgeeft dat ze tijdens deze doorgifte niet toegankelijk zijn voor het publiek. In een dergelijk geval mag slechts een enkele communicatie met het publiek plaatsvinden. Dit betekent dat zowel de omroeporganisatie als de distributeur van signalen de onderliggende rechten moeten vereffenen.

Volgende stappen

Het Europees Parlement en de Raad moeten nu het voorlopig akkoord bekrachtigen voordat het formeel kan worden aangenomen. Daarom moet de aanvankelijk voorgestelde verordening tot een richtlijn worden herwerkt.

De lidstaten moeten de richtlijn binnen 2 jaar na de inwerkingtreding ervan omzetten.

Download als PDF

http://www.europa-nu.nl/id/vku9f9w1atzf/nieuws/ruimere_grensoverschrijdende_toegang_tot?ctx=vjgtmkwna7mq&s0e=vhdubxdwqrzw