Studenten van de Erasmus Universiteit Rotterdam moeten niet alleen een webcam, maar ook een smartphonecamera op zichzelf richten als zij thuis een online tentamen maken vanwege het coronavirus. Onderwijsinstellingen zoeken naar manieren om spieken tegen te gaan, onder meer met antispieksoftware. Hoe werkt dit en mag dit worden verplicht? Vijf vragen en antwoorden.

1. Wat is antispieksoftware?

Normaal gesproken lopen bij tentamens surveillanten rond, maar nu studenten thuis hun tentamens moeten maken vanwege het coronavirus, kan dat niet. Onderwijsinstellingen zijn aangewezen op digitale middelen om spieken te voorkomen. Veel universiteiten maken gebruik van zogenoemde proctoringsoftware.

De software is onder meer in staat om webcambeelden, geluid uit de microfoon, het internetverkeer, beelden op het computerscherm, toetsenbordaanslagen en muisverkeer te monitoren. Studenten moeten zich voorafgaand aan het maken van het tentamen identificeren door met hun webcam een selfie te maken of hun identiteitskaart te laten zien.

Tijdens het maken van het tentamen worden de studenten gefilmd. Een surveillant kan live meekijken of achteraf de beelden beoordelen op verdacht gedrag. Sommige software kan door middel van een algoritme zelf verdachte situaties opmerken en surveillanten hierop attenderen.

2. Hoe betrouwbaar is antispieksoftware?

De software zit er weleens naast. Bij honderden studenten zijn tentamens onterecht als verdacht bestempeld. Dat overkwam onder meer 1400 studenten aan de Wageningen Universiteit, 110 studenten van de Vrije Universiteit in Amsterdam en ruim honderd aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.

Ook volgens privacy-expert Koen Versmissen is de software niet 100 procent betrouwbaar. “Een algoritme is nooit perfect, maar dat is op zich niet per se fout. Een menselijke surveillant kan ook ten onrechte vermoeden dat een student heeft afgekeken. Door een algoritme kan het echter ook op grotere schaal misgaan.”

Toch hoeft dat volgens hem niet meteen een probleem te zijn zo lang de software niet op de blauwe ogen wordt geloofd. “Het is belangrijk dat er nog een tweede check plaatsvindt. Een mens moet altijd meekijken of er echt iets aan de hand is.”

3. Zijn er nog andere nadelen?

De Landelijke Studentenvakbond (LSVb) is niet blij met de antispieksoftware. “Binnen de coronacrisis is het één de thema’s waar studenten het vaakst bij ons over aankloppen. Ze maken zich niet alleen zorgen over de betrouwbaarheid van de software, maar ook over hun privacy en niet werkende systemen”, zegt voorzitter Lyle Muns.

Op het gebied van privacy maken de studenten zich volgens hem vooral zorgen over de beelden. “Studenten worden min of meer gedwongen om een inkijk te geven in hun privéomgeving. Dat is natuurlijk vervelend, maar er zijn vaker zorgen over de beelden zelf. Vaak is onduidelijk wie de beelden precies bewaart. Is dat de onderwijsinstelling zelf of een extern bedrijf? Ook is vaak onbekend hoe lang de beelden worden opgeslagen.”

Volgens Muns komen er ook regelmatig klachten binnen over niet werkende software. “Soms vallen de systemen ineens uit, waardoor tentamens ongeldig worden verklaard en opnieuw moeten worden gemaakt. Los daarvan maken studenten zich ook zorgen over bijvoorbeeld hun eigen internetverbinding of die van de onderwijsinstelling.”

4. Mogen studenten eigenlijk wel ‘zomaar’ worden gefilmd?

Volgens privacy-expert Versmissen hangt het af van de situatie of het volgens de wet is toegestaan. “Zomaar studenten filmen mag het in ieder geval niet, daar moet je een goede reden voor hebben.”

Bovendien moet een onderwijsinstelling regels opstellen, zegt Versmissen. “Scholen moet aanvullende maatregelen nemen zodat ze de software op een verantwoorde wijze kunnen gebruiken. Je moet kunnen uitleggen waarom je de risico’s neemt, wat voor maatregelen je hebt genomen en dat je je daarmee aan de AVG houdt. Je mag studenten ook niet zomaar beschuldigen van fraude.”

5. Heeft de rechtszaak kans van slagen?

Dat is nog maar de vraag. Het is niet voor het eerst dat proctoring tot een rechtszaak leidt. In juni vorig jaar spande de Centrale Studentenraad van de Universiteit van Amsterdam een zaak aan tegen de universiteit. De rechter oordeelde toen echter dat er geen onrechtmatige inbreuk op de privacy van studenten werd gemaakt. Het gebruik van de software is een gerechtvaardigd belang om deze taak uit te voeren, oordeelde de rechter.

Source