Een studente aan de Vrije Universiteit Amsterdam heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat antispieksoftware haar heeft gediscrimineerd vanwege haar donkere huidskleur. Daarom moet de VU aantonen dat dit niet het geval is.

Dat zegt het College voor de Rechten van de Mens in een tussenoordeel over de klacht die de studente bij het instituut had ingediend. De VU krijgt tien weken de tijd om het bewijs te leveren.

Masterstudente Robin Pocornie zei dat ze tijdens examens problemen had met het inschakelen van de verplichte antispieksoftware Proctorio. De VU had volgens de studente Bioinformatica vooraf moeten controleren of studenten met een zwarte huidskleur even goed herkend worden als witte studenten.

Het College is het vooralsnog met Pocornie eens dat ze vanwege haar huidskleur is gediscrimineerd. “Er is een vermoeden dat er sprake is van discriminatie”, zegt een woordvoerder tegen NU.nl. “We geven de VU meer tijd voordat we tot een definitief oordeel komen.”

Volgens het College heeft wetenschappelijk onderzoek aangetoond dat gezichtsdetectiesoftware over het algemeen slechter werkt bij personen met een donkere huidskleur.

Pocornie wordt juridisch bijgestaan door het Racism and Technology Center. Een woordvoerder zegt tegen NU.nl dat de organisatie tevreden is met het tussenoordeel van het College.

De VU laat tegenover NU.nl weten dat ze in de komende tien weken wil bewijzen dat de gebruikte antispieksoftware niet heeft gediscrimineerd. De Amsterdamse universiteit wil pas inhoudelijk reageren na het definitieve oordeel van het College.

De VU zei in oktober bij de inhoudelijke behandeling van de klacht dat ze heeft geprobeerd het risico van storingen in de software zoveel mogelijk te beperken. Studenten konden ermee oefenen tijdens een proefexamen. Leverde dat problemen op, dan hadden ze volgens de universiteit de mogelijkheid om het echte examen in een universiteitsgebouw af te leggen.

Wel gaf de VU toen toe dat ze niet bij mogelijke discriminatie door software heeft stilgestaan. “De factor huiskleur van studenten is toen niet opgevat als een mogelijk risico.”

Source