The New York Times berichtte donderdag dat ze een dataset met locatiedata van telefoons van 12 miljoen Amerikanen in handen hadden. Het kostte de krant “maar een paar minuten” om deze dataset te deanonimiseren en de locatie van de Amerikaanse president Donald Trump te traceren, meldt de krant vrijdag.

Donderdag zette The New York Times uiteen hoe vrijwel iedereen via hun smartphones precies kan worden gevolgd en geïdentificeerd zonder hun medeweten of toestemming.

Zij kregen een dataset in handen waar 50 miljard verschillende locaties in staan van 12 miljoen telefoons. De data is over enkele maanden in 2016 en 2017 verzameld door een bedrijf die stilletjes de bewegingen opslaat van gebruikers. Daarbij wordt software gebruikt die op verschillende smartphone-apps staat.

“Ze kunnen de plaatsen zien waar je elk moment van de dag naartoe gaat, met wie je samenkomt of de nacht doorbrengt, of je een kantoor van een psychiater of een massagesalon bezoekt”, schrijft de krant.

De krant kon smartphone-gebruikers volgen in bijna elk groot overheidsgebouw in Washington en kon de gebruikers vervolgens traceren naar hun huizen om zo uiteindelijk hun identiteit te achterhalen.

Gevoelige informatie van een secret service-agent

Van de 12 miljoen telefoons die in de dataset stonden, was er een van een agent van de Amerikaanse secret service die Donald Trump begeleidde tijdens zijn dagelijkse bezigheden.

Zo is in de data te zien dat Trump ‘s ochtends vanuit een hotel vertrok naar een golfbaan waar hij een potje ging golfen met premier Shinzo Abe van Japan. Dit deden ze tot 13.12 uur. Daarna vertrokken ze naar de Trump International Golf Club in West Palm Beach Florida voor een privé lunch. De krant verifieerde de locaties met tweets die Trump verstuurde over de activiteiten.

De krant vond ook de locatie van het huis van de secret service-agent terug in de data. Door de locatie van zijn huis te combineren met de activiteiten die hij dagelijks ondernam, kon de krant de naam van de medewerker achterhalen.

Soortgelijke informatie wordt dagelijks verzameld en doorverkocht

De locatiedata in handen van The New York Times is van drie jaar geleden, maar soortgelijke informatie wordt dagelijks verzameld en vaak verkocht aan derden. “Dat betekent dat iedereen met toegang tot die data in mensen in real-time kan. Zelfs mensen die op armlengte afstand staan van de president of andere belangrijke figuren”, aldus de krant.

Privacy is cruciaal voor de veiligheid van militaire, defensie- en beveiligingsoperaties in het hele land en daarbuiten, stelt The New York Times. De geheime dienst weigerde commentaar te geven aan de krant over de bevindingen of hun beleid met betrekking tot de locatiegegevens te beschrijven.

De apps Ask.fm en NOAA Weerradar zouden locatiedata doorverkopen

In 2018 vonden onderzoekers al dat verschillende apps uit de Appstore locatiedata van gebruikers doorverkopen aan derden. Ze vonden in elk geval 24 iPhone-apps die zich daar schuldig aan maakten. Daaronder zijn bijvoorbeeld Ask.fm en NOAA Weerradar. Deze apps zijn ook populair in de Nederlandse App Store.

De apps zouden precieze locaties van gebruikers doorsturen, maar ook andere gevoelige data waarmee de identiteit van gebruikers te achterhalen is. “Data wordt constant verzonden”, zeggen de onderzoekers. De apps zouden niet of nauwelijks aangeven dat informatie wordt doorgestuurd.

Source