Al deze bedrijven zetten in op internetsatellieten, omdat ze het zien als de nieuwe space race. In landen als Nederland wordt veel geld geïnvesteerd in de aanleg van glasvezel, waar vervolgens mensen via hun thuisnetwerk gebruik van kunnen maken. Daarnaast wordt het belangrijk bij de uitrol van 5G.

Er zijn ook veel gebieden waar het commercieel niet interessant is om glasvezel aan te leggen. De kosten wegen niet op tegen de opbrengsten. Denk aan het Amerikaanse platteland, gebieden in Afrika of ergens midden op zee. Daar zouden internetsatellieten van de techbedrijven een interessant alternatief kunnen zijn.

Maar bij de ambities zijn vraagtekens te plaatsen. “Ik lees al jaren over dit soort ideeën. Er zijn twee grote obstakels: dit proces gaat heel lang duren en het kost heel veel geld”, zegt Rob van den Berg, directeur van Space Expo. “Ik heb mijn twijfels over de haalbaarheid”, zegt Bart Root, onderzoeker ruimtevaarttechnologie aan de TU Delft. “Midden op zee of in de woestijn kan het handig zijn. Maar de vraag is: moet dat met zo’n duur systeem?”

Op 30.000 kilometer hoogte

Al sinds eind jaren 90 zijn satellietbedrijven bezig met het aanbieden van internet via de ruimte. Het verschil tussen de bestaande satellieten en de constellaties waar door onder meer SpaceX en Amazon aan wordt gewerkt, is dat die eerste op veel grote hoogte hangen: zo’n 36.000 kilometer van de aarde. Het voordeel is dat daardoor één satelliet heel de VS van internet kan voorzien. De snelheid ligt wel lager – tussen de 1 en pakweg 25 Megabit per seconde (download) – en het is duur.

Dus door de satellieten dichter bij de aarde te laten rondcirkelen – tussen 500 en 1200 kilometer – kun je een hogere snelheid aanbieden met minder vertraging (wat fijn is voor bijvoorbeeld gamers). Maar is het oppervlak dat één satelliet kan bedienen beperkt, waardoor er dus honderden of zelfs duizenden satellieten nodig zijn om wereldwijde dekking te garanderen.

Het werkt als volgt, vertelt hoogleraar Bart Smolders van de TU Eindhoven. “Vanaf de aarde wordt het internet naar de satellieten gestuurd. Die sturen het signaal vervolgens door naar grondstations op strategische plekken, die het signaal vervolgens omzetten in 4G, 5G of Wifi. Het is dus niet zo dat je rechtstreeks vanaf je mobiel een verbinding met de satellieten hebt.” Dit zou in theorie snelheden van 1 Gigabit per seconde kunnen opleveren.

https://nos.nl/l/2286922