Grondrechten, zoals het recht op privacy, zijn primair gericht op het beschermen van burgers tegen de staat. Maar ook tussen burgers onderling en tussen burgers en rechtspersonen kunnen (ernstige) privacyschendingen plaatsvinden. Met privacyschendingen in horizontale verhoudingen wordt gedoeld op dergelijke privacyschendingen, terwijl verticale privacybescherming betrekking heeft op de relatie burger-overheid. Wat kan Nederland leren van de wijze waarop de horizontale privacy in andere Europese landen is beschermd?













