Meta verzamelt heel veel data over zijn gebruikers. Zo wordt bijvoorbeeld bijgehouden hoe lang mensen naar berichten op de sociale netwerken kijken en waar gebruikers op klikken. Als mensen ingelogd zijn met hun Facebook-account, kan het bedrijf in veel gevallen ook het surfgedrag volgen.
Op basis van al die data weet Meta precies welke interesses iemand heeft. Die persoon krijgt vervolgens gericht advertenties voorgeschoteld die passen bij deze interesses. Daarmee worden gebruikers extra gestimuleerd om bijvoorbeeld een aankoop te doen.
Als Meta alleen na toestemming van gebruikers data mag verzamelen, wordt het veel moeilijker om advertentieprofielen samen te stellen. Dit lijkt een flinke klap voor het verdienmodel van het Amerikaanse socialemediabedrijf.
De zaak waarin de EDPB nu een vertrouwelijk besluit heeft genomen, is enkele jaren geleden aangezwengeld door de Oostenrijkse privacyactivist Maximilian Schrems. Hij diende een klacht in over Facebook Ireland, het Europese hoofdkantoor van het bedrijf.
Specifieke toestemming voor verzamelen persoonlijke gegevens
Schrems klaagde bij de Ierse instantie voor databescherming over het doorgeven van persoonsgegevens door Facebook Ireland aan het moederbedrijf in de VS. Volgens hem zouden gebruikers de keuze moeten krijgen of het bedrijf hun gegevens wel of niet mag gebruiken voor reclamedoeleinden, in plaats van dat ze gevraagd wordt om akkoord te gaan met een lijst algemene voorwaarden.
Meta zelf wil niet inhoudelijk reageren. Volgens een woordvoerder is het bedrijf nog in gesprek met de Ierse autoriteiten.
Een woordvoerder van de EDPB weigerde op haar beurt details te verstrekken over de genomen besluiten. Wel wilde ze kwijt dat de Europese waakhond actie heeft ondernomen. Dat kwam omdat nationale toezichthouders in Europa het niet eens waren met de manier waarop autoriteiten in Ierland met de kwestie omgingen.













