Amazon en Apple worden in een antitrustzaak in de Verenigde Staten ervan beschuldigd de prijzen van iPhones en iPads bewust te hebben opgedreven. Dat zouden de bedrijven hebben gedaan door een deal te sluiten over wederverkopers.
Het gaat om een overeenkomst die in januari 2019 van kracht werd, blijkt uit papieren van de federale rechtbank van Seattle. Apple gaf Amazon kortingen op zijn producten, maar in ruil daarvoor mocht Amazon slechts zeven van de zeshonderd wederverkopers van Apple-producten op zijn platform laten blijven.
De afspraak zorgde er volgens de aanklacht voor dat Amazon de dominante verkoper werd van iPhones en iPads. De prijzen zouden vervolgens meer dan 10 procent zijn gestegen. Kortingen tot 20 procent die ooit gebruikelijk waren, zouden dat vervolgens niet meer zijn geweest.
De rechtszaak heeft betrekking op alle inwoners van de Verenigde Staten die sinds januari 2019 iPhones en iPads hebben gekocht bij Amazon. De aanklager eist een schadevergoeding en dat de bedrijven stoppen “met hun groepsboycot”.
Amazon en Apple wilden tegenover persbureau Reuters niet reageren op de rechtszaak.













