
De voorzieningenrechter oordeelt dat een voormalig vrijwilligster de beheerdersrechten van een Facebookpagina aan de eisende organisatie moet overdragen. Dat meldde IT en Recht onlangs. Het is problematiek die regelmatig langskomt, en soms lastige juridische vragen kan geven. Wat ís een Facebookpagina eigenlijk, en welke plichten heb je als vrijwilliger?
Om maar met die eerste vraag te beginnen: een Facebookpagina is als zodanig niets, ik noem het vaak gestolde dienstverlening. Want uiteindelijk staat die pagina op mensen hun scherm omdat Facebook een overeenkomst met de beheerder sluit. En de vraag komt dan dus neer op: wie is die beheerder?
Het antwoord is niet hetzelfde als “de persoon die de overeenkomst sloot”. Als je dat als werknemer doet bijvoorbeeld, is je werkgever de contractseigenaar en dus de beheerder.
Als vrijwilliger ben je geen werknemer, dus dan ligt het lastiger. In 2019 bijvoorbeeld werd gekeken naar concrete opdrachten of waar het initiatief lag. Dit viel verschillend uit bij twee pagina’s van de vrijwilliger: eentje een “officiële” pagina van een politieke partij, een andere een groep daar omheen.
Die tenzij gaat op bij de pagina van de partij zelf. Deze is immers in 2014 aangemaakt voor de partij, en pas drie jaar later is het ex-lid gevraagd beheer daarvan te doen. …
Voor de groep komt het anders uit. Het uitgangspunt blijft hetzelfde, maar deze groep is op eigen initiatief door het ex-lid aangemaakt, waarbij hij zichzelf als beheerder presenteerde en de groep niet als officieel of namens de partij aangemerkt had. Daarmee is er dan te weinig om te spreken van een groep die eigenlijk van de partij had moeten zijn.
Bij deze zaak gaat de redenering eigenlijk net zo. De pagina dateerde uit alweer 2013, en werd aangemaakt voor de organisatie door andere personen.
Vervolgens is [gedaagde] in verband met haar eigen dierenwebshop via [persoon 3] als website-beheerder van [eiser] in contact gekomen met [eiser] . In de loop van 2019 is zij de Facebookpagina gaan beheren en zij heeft in de jaren daarna de content verder uitgebouwd. Zij heeft dat in overleg met het bestuur van [eiser] gedaan. De omstandigheid dat aan [gedaagde] grotendeels de vrije hand is gegeven voor de bewerking van de Facebookpagina in het kader van de samenwerking maakt echter niet dat zij daardoor rechthebbend op de Facebookpagina is geworden.
Dat “vrije hand” argument hoor ik ook vaker: ik mocht alles zelf doen, dat bewijst dat ze vonden dat het mijn pagina was. Dat is dus niet juist. Ook niet als dat enorm veel werk was en de pagina alleen door al dat werk een gigantisch succes is geworden.
Ook telt niet het gegeven dat de organisatie je beheerder maakt. Die term suggereert weliswaar dat je iets bijzonders bent, maar dat is alleen in de relatie tot Facebook relevant. Het verandert niets in je relatie tot de organisatie.
Arnoud













