“Zoals vorige week verzocht aan je dien je je linkedin profiel aan te passen, je doet hier geen pr en marketing meer om jou wel bekende redenen. Graag vandaag uitvoeren!!!” Nee, zou ik ook van opkijken. De zin komt uit een wat oudere ontslagzaak, maar het onderwerp blijft actueel.

De werknemer werkte in de functie van accountmanager New Business (hunter) voor onbepaalde tijd. Daarna werd zijn titel “(Online) Sales, Marketing & PR consultant”, en dat werd een jaar later teruggedraaid. Met wederzijdse instemming, al werd het daarna ongezellig en werd gestreefd naar een functie elders.

Daarbij was het Linkedinprofiel van de werknemer kennelijk opgepoetst, want daarin stond nog die ene titel:

In zijn LinkedInprofiel had [verzoeker] nog als functie staan “Sales, Marketing & PR consultant en in de onder zijn profielfoto en naam geplaatste kopregel “Marketing & -PR”.

Daar kwamen vanuit management diverse mails over, met als culminatie deze:

“Ik geef je mee dat [B] bepaald niet blij met het feit dat jij ondanks herhaalde verzoeken weigert om jouw Social Media uitingen aan te passen aan de huidige status quo, waarin jij niet langer PR en Marketing doet voor [verweerder] . Ik wijs je erop dat een (herhaalde) weigering om aan redelijke instructie te voldoen zelfs kan leiden tot een onmiddellijke beëindiging van je dienstverband. Ik adviseer je echt dringend om dit punt je hand niet te overspelen.”

De werknemer werkte niet mee, waarop de instructie werd geëscaleerd tot dienstbevel. En omdat ook dáár geen gevolg aan werd gegeven, volgde ontslag op staande voet. Man.

Bij de werknemerskant krijg ik ook jeuk gezien deze reactie:

Hij stelt hiertoe dat hij op vrijdag 13 oktober 2017 heeft voldaan aan de sommatie van [verweerder] om in zijn LinkedInprofiel zijn functietitel aan te passen. [verweerder] heeft hem niet verzocht om ook de koptekst aan te passen. Deze koptekst is een vrij veld en geen functiebeschrijving.

Daar maakt de rechter terecht gehakt van:

De kantonrechter stelt vast dat uit de hiervoor onder de feiten geciteerde e-mails blijkt dat [verweerder] [verzoeker] op 21 september 2017 heeft verzocht om zijn functie aan te passen bij zijn profiel, op 26 september 2017 om zijn LinkedInprofiel aan te passen en op 3 oktober 2017 om zijn Social Media uitingen aan te passen aan zijn huidige functie. Die verzoeken zijn nadien nog herhaald. Voor zover [verzoeker] na ontvangst van de e-mail van 21 september 2017 in de veronderstelling verkeerde dat hij slechts zijn functienaam diende te wijzigen, had het hem in ieder geval na ontvangst van de e-mails van 26 september 2017 en 3 oktober 2017 duidelijk moeten zijn dat het verzoek van [verweerder] niet enkel zag op het wijzigen van de functienaam maar ook op het wijzigen van de kopregel. De kopregel is immers een belangrijk onderdeel van een LinkedInprofiel en staat direct onder de profielfoto en de naam.

De uitkomst is dan ook weinig verbazingwekkend: het ontslag op staande voet mocht gewoon, gezien deze aanloop en niet meewerken aan de uiteindelijke sommatie. Uiteindelijk ging het ook om een feitelijke aanduiding, waar de schaarse jurisprudentie al eerder duidelijk over was.

Arnoud