Een lezer vroeg me:

Ik heb spaargeld omgezet in crypto via een Nederlandse partij met DNB-vergunning als cryptodienstverlener. Deze partij lijkt nu te zijn omgevallen, en nu lees ik dat ik buiten de bescherming van het nationaal depositogarantiestelsel ga vallen. Is er nog een juridische manier om mijn geld terug te eisen van deze cryptobank?

Het depositogarantiestelsel is een wettelijke bescherming voor geld dat bij banken op een rekening staat. Zoals DNB zegt, “Mocht een bank failliet gaan, dan zorgt De Nederlandsche Bank (DNB) dat u uw geld terugkrijgt. Van 1 cent tot maximaal € 100.000 per persoon, per bank.” Wie daar doorklikt, komt bij de veelgestelde vragen en daar wordt vrij snel en hard gezegd “Een crypto (zoals bitcoin) is geen geld dat bij de bank staat. Het is daarom niet beschermd door de Nederlandse Depositogarantie.”

De juridische basis voor dit stelsel is de Wet op het financieel toezicht (Wft), afdeling 3.5.6. Alle “banken die een vergunning als bedoeld in artikel 2:11 hebben” (en bepaalde beleggingsinstellingen) moeten meewerken aan dit stelsel. En dan is het antwoord verder heel flauw: een cryptodienstverlener, ook met vergunning, is geen “bank in de zin van artikel 2:11 Wft” en valt dus buiten het depositogarantiestelsel.

De achterliggende motivatie is dat crypto’s op één lijn worden gezet met gewone beleggingen, die ook buiten het garantiestelsel vallen. In 2018 meldde de minister bijvoorbeeld dat een probleem daarbij is dat er geen centrale uitgever aan te spreken is op misstanden. Je zou kunnen stellen dat een cryptodienstverlener zo’n centrale rol kan spelen voor de crypto’s die daar gestald staan, maar dat vereist een wetswijziging en ik vermoed dat de overheid daar weinig trek in heeft.

Arnoud