Google moet zoekresultaten verwijderen als gebruikers kunnen aantonen dat de gelinkte informatie overduidelijk niet klopt. Dat heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie bepaald. Het recht om vergeten te worden weegt volgens de rechters zwaarder dan de vrijheid van meningsuiting en informatie.

De zaak ging over twee directeuren van een groep investeringsmaatschappijen die Google hadden verzocht zoekresultaten te verwijderen. Daarin werd hun naam gekoppeld aan bepaalde artikelen waarin kritiek werd geuit op het investeringsmodel van de groep.

Ook wilden zij dat Google miniatuurfoto’s van hen uit de zoekresultaten zou verwijderen. Google wees de verzoeken af en zei niet te weten of de informatie in de artikelen wel of niet juist was.

Een Duitse rechter vroeg daarop advies aan het Hof van Justitie van de EU over het evenwicht tussen het recht om te worden vergeten en het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie. Het hof oordeelde dat de aanbieder van een zoekmachine “de inhoud van zoekresultaten waarnaar wordt verwezen moet verwijderen als de degene die om verwijdering verzoekt kan aantonen dat deze informatie onjuist is”.

Om gebruikers niet te zwaar te belasten, hoeven die bewijzen niet voort te komen uit een rechterlijke uitspraak tegen uitgevers van websites. Ook hoeven gebruikers alleen bewijs te leveren dat redelijkerwijs van hen verwacht kan worden.

Het Hof van Justitie van de EU heeft in 2014 het recht om te worden vergeten verankerd. Daardoor kunnen mensen zoekmachines zoals Google vragen om onjuiste of niet relevante informatie te verwijderen uit de zoekresultaten bij hun naam.

Source