
Levensmiddelenfabrikant Unilever stopt de rest van het jaar in Amerika met adverteren op Facebook, Instagram en Twitter. Unilever vindt dat de platforms veel meer moeten doen tegen verdeeldheid en haatzaaiend taalgebruik in de “gepolariseerde verkiezingsstrijd” in de VS.
Het concern is van plan de rest van dit jaar jaar geen advertenties meer te plaatsen die gericht zijn op de Amerikaanse markt. Het begrote advertentiegeld voor de VS wordt aan reclameboodschappen op andere media uitgegeven.
De stap van Unilever valt samen met de #StopHateForProfit-campagne van de Amerikaanse burgerrechtenbewegingen. Die vragen bedrijven om in de maand juli geen advertenties op Facebook te zetten, omdat het platform te weinig zou doen om de verspreiding van haat, racisme en geweld tegen te gaan.
Gerechtigheid
Kledingmerken Patagonia en The North Face, freelance-platform Upwork en softwaremaker Mozilla gaven daar eerder al gehoor aan en deze week sloot ijsproducent Ben & Jerry’s, onderdeel van Unilever, zich bij de tijdelijke boycot aan. Unilever zelf noemt de #StopHateForProfit-campagne niet.
Het aandeel Facebook daalde vandaag met 7 procent. Het bedrijf liet zondag weten dat het zich inzet voor gelijkheid en gerechtigheid voor iedereen. Ook zegt Facebook te onderzoeken of het gevoerde beleid daaraan bijdraagt.













