De corona-app van de overheid wordt vanaf woensdag 1 juli getest in de regio Twente, maakt minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) donderdag bekend in een Kamerbrief. Met de app moeten mensen gewaarschuwd kunnen worden als zij in de buurt zijn geweest van een andere appgebruiker die besmet blijkt met het COVID-19-virus.
Vanaf 1 juli wordt de dan beschikbare versie van de corona-app getest met een representatieve groep van ongeveer duizend mensen uit de regio. Bij de test wordt gekeken of de app technisch werkt en of gebruikers het ontwerp van de app snappen.
Naast deze praktijktesten vinden er testen plaats met specifieke doelgroepen op specifieke thema’s als toegankelijkheid, privacy en beveiliging. Daarnaast wordt er met GGD’s gekeken hoe de app goed kan aansluiten op het reguliere bron -en contactonderzoek. Een epidemiologische test zal pas plaatsvinden als de app op grote schaal beschikbaar wordt.
Het ministerie heeft de corona-app op 8 juni al in verschillende gecontroleerde settings getest. Op een terrein van Defensie werden scenario’s met een metrostation, bioscoop en markt nagebootst. Op basis van deze test wordt bepaald hoe de parameters van de app worden ingesteld.
Corona-app is ‘bijna af’
De Jonge zei tijdens de persconferentie woensdagavond dat de app inmiddels “bijna af” is. Volgens hem is de app een belangrijke toevoeging op bron -en contactonderzoek. Hij verwacht half juli een beslissing te nemen over hoe en wanneer de app landelijk uitgerold zal worden.
Daarnaast is Nederland in gesprek met andere Europese landen die corona-apps ontwikkelen om te kijken hoe de verschillende apps kunnen samenwerken. Het doel is dat mensen die in een vakantieland in contact zijn geweest met een besmette persoon hier ook bericht van kunnen krijgen als ze terug zijn in Nederland. Een eerste groep landen, waaronder Duitsland, Nederland, Italië, Ierland en Polen, gaan dit naar verwachting begin juli testen.
Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.
Het coronavirus in het kort
Aanvulling: Dit artikel is aangevuld met informatie die het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport donderdagochtend naar buiten heeft gebracht.













