
De EU onderneemt stappen om consumenten beter te beschermen. Vandaag heeft de Raad een richtlijn aangenomen die de EU-wetgeving inzake consumentenbescherming moderniseert en de handhaving van consumentenrechten vergemakkelijkt. In maart had de Raad hierover een akkoord bereikt met het Europees Parlement.
Consumentenbescherming is een essentieel onderdeel van de interne markt. Dankzij de richtlijn zijn EU-consumenten beter beschermd wanneer zij online producten of diensten kopen. De richtlijn bevat ook krachtigere maatregelen tegen oneerlijke of misleidende handelspraktijken in de EU.
Anna-Maja Henriksson, Fins minister van Justitie
De richtlijn voorziet in:
-
–
de harmonisatie en stroomlijning van een aantal criteria die gebruikt worden om de strafmaat te bepalen bij inbreuken op het EU-consumentenrecht;
-
–
het recht op individuele verhaalmogelijkheden voor consumenten als zij het slachtoffer zijn van oneerlijke handelspraktijken zoals agressieve marketing;
-
–
grotere transparantie bij onlinetransacties, met name wat betreft het gebruik van onlinebeoordelingen, gepersonaliseerde prijsstelling op basis van algoritmes of een hogere rangschikking van producten door “betaalde plaatsingen”;
-
–
de verplichting voor onlinemarktplaatsen om de consumenten te informeren over wie de verantwoordelijke handelaar is in een transactie: de verkoper en/of de onlinemarktplaats zelf;
-
–
de bescherming van consumenten bij “kosteloze” digitale diensten, d.w.z. diensten waarvoor consumenten niet betalen maar wel persoonsgegevens verstrekken, zoals cloudopslag, sociale media of e-mailaccounts;
-
–
duidelijke informatie voor consumenten bij kortingen;
-
–
het wegnemen van onevenredige lasten, zoals de huidige verplichting voor bedrijven om verouderde communicatiemiddelen te gebruiken;
-
–
verduidelijkingen over welke regels de lidstaten mogen invoeren om de rechtmatige belangen van consumenten te beschermen tegen bijzonder agressieve of misleidende marketing- of verkooppraktijken bij verkopen buiten verkoopruimten;
-
–
verduidelijkingen over hoe lidstaten moeten omgaan met misleidende marketing van producten van “tweevoudige kwaliteit”.
De richtlijn wijzigt de richtlijn oneerlijke handelspraktijken (2005/29/EG), de richtlijn consumentenrechten (2011/83/EU), de richtlijn oneerlijke bedingen in overeenkomsten (93/13/EEG) en de richtlijn prijsaanduidingen (98/6/EG).
Volgende stappen
Na de aanneming van de richtlijn krijgen de lidstaten 24 maanden om de nodige maatregelen te treffen voor de uitvoering ervan. Deze maatregelen worden 6 maanden later van toepassing.
Achtergrond
Samen met een voorgestelde richtlijn over representatieve vorderingen ter bescherming van de collectieve belangen van consumenten, maakt deze richtlijn deel uit van de “new deal voor consumenten“, die in 2017 door de Commissie werd gelanceerd.













