Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) en de Universiteit van Amsterdam (UvA) gaan samen onderzoek doen naar het gebruik van deepfakes en steganografie door criminelen. Volgens het NFI maken criminelen steeds vaker gebruik van deepfakes. Om het crimineel gebruik van de technologie te onderzoeken hebben de UvA en het NFI een ‘Letter of Intent’ getekend.

Zeno Geradts van het NFI stelt dat deepfakes onder andere worden toegepast om volwassenen in kinderpornofilms onherkenbaar te maken, of om meningen te beïnvloeden met door de computer gecreëerde personen. “Het is bijna onmogelijk om echte en deepfake video’s met het blote oog van elkaar te onderscheiden”, zo laat hij weten. De huidige computermodellen kunnen een deepfake in ongeveer acht op de tien video’s herkennen, merkt Geradts op. “Dat is nog altijd in twee op de tien video’s niet, terwijl je eigenlijk zou willen dat minstens 99,5 procent van de deepfakes eruit worden gehaald.”

Marcel Worring van de UvA voegt toe dat er meer onderzoek nodig is om deepfake video’s te kunnen onderscheiden van echte video’s. “90 procent van alle investeringen in deepfakes gaat naar het verbeteren van de techniek. Slechts 10 procent van de investeringen gaat naar onderzoek om deepfakes te herkennen en dan wordt er slechts heel beperkt gekeken naar de forensische bewijswaarde. Dat is echt veel te weinig.”

Naast het onderzoeken van deepfakes gaan het UvA en het NFI ook aan de slag met het crimineel gebruik van steganografie. Hierbij worden boodschappen in bijvoorbeeld foto’s en video’s verborgen. “Het zou handig zijn wanneer computers kunnen helpen die berichten te herkennen. Met AI kan je computers leren om dit soort verborgen berichten te herkennen, door ze te trainen op bepaalde afwijkingen”, laat Geradts weten.

Bij een derde project zullen het NFI en de UvA zich richten op het verbeteren van de bewijsvoering bij spraakherkenning, door het combineren van de herkenning met bijvoorbeeld locatiegegevens op de mobiele telefoon. Verder gaan beide organisatie aan de slag met het ontwikkelen van tools om beter informatie op bijvoorbeeld telefoons te kunnen doorzoeken.

“De bedoeling is dat er een soort kruisbestuiving komt. Het NFI heeft veel forensische kennis uit de praktijk. Onderzoekers van de UvA hebben vaak kennis hebben van de nieuwste methodes, die kunnen worden toegepast op de praktijk”, zegt Annemieke de Vries van het NFI. “Het NFI wil ook de meest nieuwe ontwikkelingen kunnen gebruiken in strafrechtelijke onderzoeken van politie en OM. Je hebt elkaars kennis en expertise nodig om de forensische vraag van nu en de toekomst te kunnen beantwoorden.”

Source