Privacy was de belangrijkste reden voor Nederlanders om tegen de nieuwe Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten (Wiv) te stemmen, beter bekend als de ‘sleepwet’. Dat blijkt uit een onderzoeksrapport van stichting Kiezersonderzoek Nederland onder ruim 2.000 mensen (pdf).

Tijdens het referendum konden kiezers zich voor of tegen de nieuwe Wiv uitspreken. 49,44 procent stemde tegen, 46,53 procent voor. Daarnaast stemde 4,03 procent blanco. Volgens de onderzoekers was privacy het belangrijkste motief om tegen te stemmen. De voorstemmers vonden veiligheid het belangrijkst.

Verder blijkt dat mannen vaker voor de Wiv stemden dan vrouwen. Vrouwen bleven net iets vaker thuis dan mannen. Als er naar leeftijd wordt gekeken blijkt dat ouderen van boven de 65 jaar voor de nieuwe Wiv waren, terwijl stemmers onder deze leeftijd vaker tegen stemden. De onderzoekers stelden tevens vast dat hoogopgeleiden vaker een stem uitbrachten dan laagopgeleiden, maar dat er geen relatie was te vinden tussen stemkeuze en opleiding.

Motieven

Deelnemers aan het onderzoek werd ook naar hun stemmotief gevraagd. Om de antwoorden niet te sturen werd er van een open vraag gebruikgemaakt. Maar liefst 58 procent van de respondenten die voor stemde geeft veiligheid als reden aan. Ruim dertien procent geeft aan dat ze niets te verbergen hebben. Een laatste argument dat geregeld wordt genoemd is het argument dat de Wiv aan modernisering toe is (4,5 procent)

Bij de tegenstemmers zijn er meer verschillende antwoorden die vaker dan 4 procent voorkomen. Op de eerste plek staat privacy (38,8 procent), gevolgd door het argument dat de wet in zijn huidige vorm niet goed is. Tien procent stemde tegen omdat ze bang was dat gegevens in het buitenland terecht konden komen. 6,6 procent geeft als reden dat ze geen vertrouwen in de politiek hebben en 4,9 procent vond dat er te weinig waarborgen in de wet zijn opgenomen.

Informatiebron

Het onderzoek laat verder zien dat de televisie de belangrijkste bron van informatie over het referendum was, gevolgd door social media. Daarnaast was er onvrede over het feit dat verschillende betrokken partijen onbetrouwbare informatie gaven over het referendum: 39,6 procent van de respondenten vond dat de informatie onbetrouwbaar was. Ook was het vertrouwen in de verschillende betrokken spelers vrij laag. Arjen Lubach, één van de aanjagers van het referendum, scoorde zelfs het laagst met een 5,6 op een schaal van 10.

Image