Microsoft heeft tijdens de tweede patchdinsdag van dit jaar een actief aangevallen kwetsbaarheid in Internet Explorer gepatcht, alsmede 73 andere kwetsbaarheden. Via het beveiligingslek in IE konden aanvallers naar de aanwezigheid van bepaalde bestanden op de computer zoeken.

Hiervoor moest het slachtoffer eerst een kwaadaardige website bezoeken. Tegen wie deze kwetsbaarheid is ingezet, hoe die werd ontdekt en naar welke bestanden aanvallers precies zochten laat Microsoft niet weten. Zogeheten “information disclosure” kwetsbaarheden zijn in het verleden gebruikt om informatie over aangevallen systemen te verzamelen. Op deze manier konden aanvallers kijken of er bepaalde beveiligingssoftware aanwezig was of dat het om een virtueel of geautomatiseerd systeem van een onderzoeker of securitybedrijf ging. Volgens Net Applications heeft Internet Explorer nog een marktaandeel van meer dan 10 procent op de desktop/laptop.

Verder zijn er deze maand maar liefst vier kwetsbaarheden verholpen waarvan de details al voor het verschijnen van de beveiligingsupdate openbaar waren gemaakt. Volgens Microsoft zijn er echter geen aanvallen waargenomen die van deze beveiligingslekken misbruik maakten. Het gaat als eerste om een informatielek in Windows waardoor een aanvaller de inhoud van bestanden op de computer kon lezen.

De tweede kwetsbaarheid bevond zich in Exchange Server en had een aanvaller dezelfde rechten kunnen geven als alle andere gebruikers. Een aanvaller had zo de mailboxen van gebruikers kunnen benaderen en lezen. De overige twee publieke beveiligingslekken waren in Team Foundation Server aanwezig. Via deze kwetsbaarheden had een aanvaller content kunnen lezen waar hij geen rechten voor had, kwaadaardige code kunnen uitvoeren en acties in naam van gebruikers kunnen uitvoeren, zoals het aanpassen en verwijderen van content.

De overige kwetsbaarheden die Microsoft deze maand heeft gepatcht bevonden zich in Internet Explorer, Microsoft Edge, Windows, Microsoft Office, ChakraCore .NET Framework, Exchange Server, Visual Studio, Azure IoT SDK, Microsoft Dynamics, Team Foundation Server en Visual Studio Code. Op de meeste systemen worden de updates automatisch geïnstalleerd.