De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) is een verkennend onderzoek gestart naar de manier waarop politieke partijen persoonsgegevens tijdens verkiezingscampagnes hebben gebruikt. Eerder voerde de Britse privacytoezichthouder ICO een soortgelijk onderzoek uit in Groot-Brittannië.

Politieke partijen maken bij campagnewerkzaamheden vaak gebruik van externe organisaties die potentiële kiezers bijvoorbeeld via social media benaderen. De informatie die hierbij wordt gebruikt of verzameld kan mogelijk privacygevoelig zijn omdat het om bijzondere persoonsgegevens kan gaan. “Politieke voorkeur is een bijzonder persoonsgegeven dat op basis van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) extra goed moet worden beschermd.”, aldus de AP.

Door het dataschandaal van Facebook en Cambridge Analytica is er internationaal aandacht gekomen voor het gebruik en verzamelen van persoonsgegevens via social media. De Nederlandse privacytoezichthouder heeft nu alle politieke partijen in de Tweede Kamer vragen gesteld over de organisaties met wie ze samenwerken en de manier waarop persoonsgegevens daarbij worden verwerkt. Het gaat dan met name om organisaties die zich bezighouden met ‘microtargeting’, waarbij groepen en personen gericht worden benaderd.

Daarnaast richt het onderzoek zich op de vraag of en op welke wijze politieke partijen gegevens over potentiële kiezers registreren. De Autoriteit Persoonsgegevens merkt op dat bijzondere persoonsgegevens zoals politieke voorkeur alleen bij uitzondering verwerkt mogen worden, en ook de vertrouwelijkheid en de beveiliging op orde moet zijn.