
Facebook gaat in hoger beroep tegen de uitspraak in de zaak van mediamagnaat John de Mol. Op Facebook verschenen advertenties waarin De Mol bitcoins en andere cryptovaluta aanprees, maar hij had daar zelf niets mee te maken. De rechter bepaalde dat de advertenties daarom geweerd moeten worden.
Volgens Facebook zijn er allerlei technische en juridische moeilijkheden bij het aanpakken van het probleem. Zo moet het socialemediabedrijf ook kijken naar pagina’s op websites die niet onder controle van Facebook staan. Het bedrijf zegt dan niet te kunnen ingrijpen.
“Maar dit beroep verandert niets aan onze inspanningen om het wereldwijde probleem van nepadvertenties aan te pakken”, zegt een woordvoerder van Facebook.
Detectiemiddelen ingezet
Het bedrijf erkent dat er een probleem is, maar zegt het niet helemaal zelf te kunnen oplossen. “De mensen achter deze misleidende advertenties passen hun tactiek constant aan om niet betrapt te worden. We verbeteren onze detectiemiddelen constant, maar kunnen helaas niet elk misbruik van ons platform voorkomen.”
Niet alleen De Mol en andere gedupeerden hebben last van de nepadvertenties; ook Facebook zelf wordt volgens de woordvoerder benadeeld. “Er is soms twijfel of Facebook echt werk maakt van deze oplichtingspraktijken en mensen denken dat we het prima vinden om te profiteren van deze advertenties. Maar wie dat denkt, vergeet dat we daar geen enkel belang bij hebben. Wanneer mensen een slechte ervaring op Facebook hebben, is de kans kleiner dat ze ons platform gebruiken.”
John de Mol spande de rechtszaak eind mei aan. Hij eiste toen dat Facebook per direct maatregelen zou nemen tegen frauduleuze bitcoinadvertenties. Toen gingen zijn naam en beeltenis in combinatie met dergelijke advertenties al maanden rond.













